Korte geschiedenis van het boeddhisme
De historische Boeddha
Shakyamoeni leefde ruim 2500 jaar geleden. Zijn exacte geboorte-
en overlijdensjaren zijn niet bekend. De Boeddha gaf ruim
40 jaar les, dus er zijn ook zeer veel leringen van hem beschikbaar,
die later zijn opgeschreven in de zogenaamde soetra's.
Over de vele eeuwen zijn er veel tradities
binnen het boeddhisme ontstaan want er heeft nooit een centrale
boeddhistische 'kerk' bestaan Al deze tradities vatten
op hun eigen manier de leer van de Boeddha samen, zoals het
Theravada (vooral in Shri Lanka, Thailand
en Burma) die zich baseren op de teksten die traditioneel
in het Pali zijn neergeschreven (de zogenaamde Pali-canon).
De Boeddha gaf diverse soorten onderricht
omdat mensen verschillende aanleg, neigingen en interessen
hebben. Daarom beschreef hij verschillende manieren om dat
onderricht te beoefenen, zodat iedereen iets kan vinden dat
past bij zijn geestesniveau en persoonlijkheid.
Rond de eerste eeuw n.Chr. verscheen de Mahayana
traditie in India, die tegenwoordig vooral in landen als China,
Japan, Tibet, Korea en Vietnam beoefend wordt.
Binnen het Mahayana ontstonden meerdere scholen
en sub-scholen, zoals Zen (vooral in China
en Japan), Zuiver Land (vooral in China)
en het Tantrische boeddhisme of Vadjrayana
(vooral in Tibet), en het is aan ieder individu de keuze welke
traditie het beste bij hem of haar past.
Door de invallen van Moslims in India, en
de pogingen om het boeddhisme als een school binnen het hindoeïsme
te presenteren, is het boeddhisme na de 15e eeuw vrijwel volledig
uit India verdwenen. Begin 20e eeuw is vooral om politieke
redenen het boeddhisme weer geïntroduceerd door B.R.
Ambedkar en telt nu weer enkele miljoenen aanhangers.
Het boeddhisme werd in Tibet
rond de 8e eeuw geïntroduceerd door de Indiase meester
Padmasambhava (er zijn beschrijvingen van eerdere introducties,
maar dit had geen boeddhistische gemeenschap tot gevolg).
In deze tijd bestonden het Theravada, Mahayana en het Vadjrayana
(tantrisch boeddhisme) naast elkaar in India, maar vooral
de Vadjrayana traditie werd populair in Tibet. Na een korte
periode van vervolging van het boeddhisme (onder koning Langdharma),
leefde het weer op in Tibet, en er ontstonden naast de traditionele
Nyingma traditie, van de 11e tot de 14e eeuw nog drie andere
belangrijke scholen: de Kagyu, Sakya en de Gelug. Deze tradities
volgen in feite dezelfde boeddhistische leringen, maar ze
benadrukken allemaal hun eigen beoefeningen en kloostertradities.
Het Tibetaans boeddhisme wordt traditioneel
niet alleen in Tibet gevonden, maar ook in Bhutan, Noord Nepal,
Noord India, Mongolië en enkele staten van Rusland.
Sinds de Chinezen in 1959 Tibet binnenvielen,
zijn veel Tibetanen gevlucht, vooral naar India en Nepal.
Hierdoor zijn ook geleidelijk aan westerlingen in contact
gekomen met Tibetaanse leraren, en er werden Tibetaanse leraren
naar het westen uitgenodigd om les te geven. Vervolgens zijn
er ook steeds meer Tibetaans boeddhistische centra opgericht,
vooral in Europa, Noord Amerika en Australië.
Het Maitreya Instituut is geaffilieerd met
de FPMT, en volgt de Gelug
traditie van het Tibetaans boeddhisme, zoals ook door Zijne
Heiligheid de Dalai Lama gevolgd wordt. Deze aspecten
komen allemaal aan de orde in ons uitgebreide studieprogramma.
|